Er ligt volop wild in
de winkels. Heerlijk, ik eet liever één keer in de twee weken een goed stuk
wild dan elke dag vlees. Bij de specifieke smaak van wild hoort een
karakteristiek bijgerecht. Je hebt talloze bijgerechten die zeer goed samengaan
met wild, zoals stoofpeertjes, zoete aardappel, knolselderij gratin , en deze. Misschien een wat minder voor de hand liggend gerecht. Maar niet moeilijk en
erg lekker!
Ingrediënten
20 sjalotten gepeld
1 granaatappel
1 borrelglaasje rode
wijn
1 scheut
balsamicoazijn van goede kwaliteit
1 snufje
chilipepervlokken
2 theelepels bruine
suiker
sap van een halve
citroen
een paar takjes verse
tijm
zout en peper
Maak de granaatappel schoon. Je kunt de zaadjes er 1 voor 1
uitpeuteren of even het geniale filmpje hieronder bekijken!
Verhit de boter in een pan met dikke bodem en bak de
sjalotten rondom aan op hoog vuur. Draai het vuur wat lager en bestrooi de
sjalotten met suiker. Blijf ze rustig omdraaien. Blus af met balsamico en de
rode wijn. Voeg zout, rode peper en citroensap toe. Breng het geheel aan de
kook. Laat ongeveer 15 minuten pruttelen tot al het vocht verdampt is. Draai de
sjalotten regelmatig om. Prik met een satéprikker in een sjalot om te kijken of
ze door en door zacht zijn. Doe de sjalotten in een kom met de granaatappel en
schep voorzichtig door elkaar. Maal er wat verse zwarte peper over en serveer
lauwwarm met de verse tijmblaadjes.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten